Praktijk voor Osteopathie Saskia van Kempen - van Tol

Osteopathie bij Babyís 6

Osteopatisch onderzoek en behandeling van babyís en kinderen

Tijdens het eerste consult wordt een volledige anamnese (ziektegeschiedenis) afgenomen. Het gaat hier om informatie over de zwangerschap, de bevalling, de weeŽn, het uitdrijven, doorgemaakte ziekten, ongelukken of andere opvallende gebeurtenissen in het leven van het kind. Tijdens het onderzoek wordt vastgesteld wat de oorzaak is van de klacht en of dit osteopatisch te behandelen is.

De behandeling kan zo subtiel zijn dat het vaak lijkt of er niets anders gebeurt dan de handen plaatsen op het kind. Kinderen reageren over het algemeen heel plezierig op de behandeling, het werkt ontspannend en het is niet ongewoon dat de kinderen tijdens de behandeling in slaap vallen.

Wanneer behandelen?

Het beste moment om de behandeling bij babyís te beginnen is niet al te lang na de geboorte. Dit is de periode waarin de natuurlijke ontplooiing van de schedel normaal gesproken het meest actief is. De schedel van een jonge baby is dan nog soepel en de mogelijkheid om eventuele bewegingsbeperkingen te corrigeren het grootst. Naarmate de baby ouder wordt neemt deze soepelheid van de schedel af. Er kan echter ook bij oudere kinderen nog veel gedaan worden.

Ook voor de moeder is het goed om na te gaan of zij goed is herstelt van de bevalling. Aanhoudende bekkenklachten, rugklachten of een hormonale disbalans (niet jezelf zijn, verstoorde cyclus) kunnen erop duiden dat dit niet het geval is.